Een oproep tot overgave
“We zijn extreem lomp bezig”, zo zegt Arne op het einde van de repetitie. De zon zakt intussen langzaam en stralen vallen de derde verdieping van de Budatoren binnen. Het was vorige week wel anders. En het voelt ook anders, zegt Hilde O. Vorige donderdag leek het soms of de groep uit elkaar aan het vallen was, maar vandaag blijkt die schrik ongegrond. Niettemin: lomp bezig? Slaan we er Van Dale op na, dan komen we tot een definitie die het over ‘grof van vorm’ heeft. En die vorm wordt stilaan zeer zichtbaar, in de ruimte en in de geesten. De speelruimte wordt een duidelijk gemarkeerd speelveld, en alles wat er niet thuishoort - met name de koffie en de suikers - moet ook effectief buiten staan. Binnen wordt er gewerkt, focus is nodig. Teksten worden uitgedeeld, voor het eerst gelezen, geroepen, gezongen.
Verschillende scènes volgen elkaar op, sommige voortbouwend op oefeningen die soms al maanden geleden voor het eerst uitgetest, en nu verfijnd werden. Die scènes voelen nu nog als aparte stukken, maar zo wordt ons verzekerd: alles wordt mooier gemaakt, naadloos aan elkaar gelast. Daarom is Heleen van Het Bataljong er vandaag er voor het eerst bij, daarom komt er straks ook muziek en licht bij.
Het is tijd voor nog eens een rondje: hoe voelt het voor jou? De optelsom van wat verteld wordt leest als een ontroerend gedicht over vertrouwen en verbondenheid. “Ik ben blij jullie allemaal bij mij te hebben” / “ik zie veel levensvreugde die inspirerend werkt” / “het is een geweldige verrijking” / “ik ben zeer zeer gelukkig”. Ook fotograaf Willy heeft zo zijn manier om het uit te drukken: “ik had ook paddenstoelen kunnen fotograferen, maar die zeggen niets terug.” En dat het fotograferen ook maar een excuus is om erbij te zijn.
Dit trage, gestage vooruitgaan (dixit Christine) komt stilaan tot wasdom. De komende weken worden iets bijzonder. Arne doet de oproep om ons “er aan over te geven”, en dan komen we tot iets dat de som van iedereen, van elk individu, overstijgt. “Mag ik eindelijk beginnen studeren"?” vraagt Lydie nog.
foto: Willy Houthoofd